12 Feb 2010

10. Deventer, over spanningen en de angst voor ontdekking.

0 Reacties

Intermezzo
Soms is het verstandig om bij het schrijven van een boek de hoofdstukken die je al hebt gemaakt, nog eens terug te lezen. Dat heb ik nu ook gedaan en ik realiseer me dat het gecreëerde beeld wel erg veel weg heeft van een heerlijke onbezorgde tijd. Niet naar school, lekker wandelen door de bossen, min of meer doen wat ik leuk vond.
Ik vraag me af of dat wel overeenkomt met de werkelijkheid van toen. Was het inderdaad uitsluitend één langgerekte vakantie?
Het antwoord op die vraag kan natuurlijk alleen maar nee zijn. Bij die herinneringen aan vroeger zitten wel degelijk ook minder leuke gebeurtenissen. De angst voor ontdekking door de Duitse bezetters bijvoorbeeld die altijd aanwezig was. Die hing gedurende de hele onderduikperiode als een schaduw boven ons.
Wat dat allemaal voor gevolgen had wordt hierna beschreven.

Spanningen
De spanning die veroorzaakt werd door de voortdurende vrees om opgepakt te worden, uitte zich bij de volwassenen in een aantal dingen. Bij m’n vader bijvoorbeeld in maagklachten. Ik zie hem nog poeders slikken – als ik me niet vergis bismut – als remedie.
Tussen de twee vrouwen waren er elke week wel een paar ruzietjes en kibbelpartijen. Die twee konden maar matig met elkaar overweg en hadden geregeld onenigheid. Over zaken die varieerden van de opvoeding van de kinderen tot het gebruik van de keuken. Dat resulteerde in een reeks huilpartijen, hoofdpijnaanvallen van Reina en verzoeningen in afwachting van de volgende crisis.
Maar er waren ook andere gebeurtenissen, die het leven er niet eenvoudiger op maakte. In Deventer ontstond bijvoorbeeld een heel groot probleem toen m’n jongste zuster blindedarm ontsteking kreeg en met spoed voor een operatie in het ziekenhuis opgenomen moest worden.
Niet om de operatie op zich want die verliep zonder complicaties maar het inschrijven in het ziekenhuisregister, het ontbreken van een ziekteverzekering en de zogenaamde stamkaart (iedere Nederlander bezat een stamkaart op naam waarop de bonnen voor levensmiddelen, kleding e.d. werden verstrekt) riepen een aantal vragen op bij het ziekenhuis dat maar met moeite bevredigend beantwoord kon worden.
Grote paniek ontstond toen m’n moeder op een middag uit was om boodschappen te doen en niet terug kwam. Naarmate de tijd verstreek nam de spanning bij iedereen toe. M’n vader ijsbeerde ongeduldig door de kamer en overlegde met Bertus over wat ze doen moesten. Doorgaan met afwachten of het huis verlaten. Als ze bijvoorbeeld opgepakt was lag het voor de hand dat men daarna een bezoek aan haar huisadres zou brengen.
Pas toen ze tegen etenstijd eindelijk thuis kwam kon de druk zich ontladen. Stemverheffingen, waar ben jij in godsnaam geweest?
Wat was het geval? M’n moeder had onderweg een ongeluk gezien dat werd veroorzaakt door een Duitse militaire auto. Een klein meisje werd voor haar ogen aangereden en lag roerloos op straat. Geëmotioneerd door het voorval was ze daar zonder nadenken op afgestormd.
Met de moeder en het kind is ze daarna met diezelfde Duitse auto naar het ziekenhuis gereden. Daar bleek het afgezien van een beenbreuk allemaal wel mee te vallen maar ze is gebleven tot het kind geholpen was.
Het klonk allemaal heel logisch en als ik me goed herinner werd er daarna weinig gemopperd over haar optreden terwijl verwijten over haar impulsieve actie toch voor de hand lagen. Misschien kwam dat omdat m’n vader al voor haar thuiskomst gezegd had dat er geen verwijten gemaakt mochten worden. Maar  het is ook mogelijk dat die pas achteraf  zijn gekomen, op een tijdstip dat ik al in bed lag.
In ieder geval werd afgesproken dat ze contact zou houden met de moeder en het kind. ’t Zou beslist de aandacht hebben getrokken als ze niets meer van zich had laten horen.
Waren er nog meer gevallen van bijna ontdekking? Oh ja, ik heb de mooiste voor zover je hier van mooi kunt spreken tot het laatst bewaard. Die keer in Deventer dat de politie ’s avonds aan de deur kwam.

Ongewenst licht in de duisternis
Deze gebeurtenis speelde zich af op een avond dat er een toespraak was voor de radio. Ik denk Radio Oranje, de vrije zender die uitzond vanuit Londen.
De Duitsers hadden al vrij snel na de bezetting van ons land een verbod uitgevaardigd om te luisteren naar Engelse zenders. Omdat dat verbod massaal werd overtreden moest iedereen begin 1943 zijn radio inleveren. Daardoor was men aangewezen op de zogenaamde radiodistributie die alleen programma’s uitzond, die de goedkeuring van Seyss Inquart c.s. konden wegdragen.
In dit geval ging het dus duidelijk om een uitzending waarnaar het strikt verboden was om te luisteren. Waarover de toespraak ging weet ik niet maar hij was kennelijk zo belangrijk dat m’n vader een paar andere mensen uit het verzet op bezoek had om hem te helpen met het stenografisch vastleggen. Ik neem aan met de bedoeling om hem af te drukken in de illegale krant van de CPN, de Waarheid.
Concentratie en stilte waren dus vereist en daarom waren m’n jongste broer en ik in de keuken neergezet met m’n jongste zuster om op ons te passen.
Ik moet er nog even bij vertellen dat het verhaal zich afspeelde in de winter. ’t Was dus al vroeg donker. Aardedonker buiten omdat vanaf het begin van de bezetting in alle bezette landen een verduisteringsorder was ingesteld. Dat hield in dat er geen openbare verlichting brandde, trams en auto’s alleen een minimaal blauw lichtje voerden en vanuit woonhuizen en bedrijven absoluut geen licht naar buiten mocht schijnen.
Het gebeurde denk ik om een uur of halfnegen. We zaten in de keuken wat te lezen. Op de achtergrond gedempt geroezemoes in de kamer. Plotseling ging de huisbel. Wij keken elkaar verschrikt aan. Wie zou er nog zo laat aan de deur zijn? Na een paar seconden ging de huiskamerdeur open en kreeg m’n zuster opdracht van m’n vader om open te doen.
Toen ze dat deed kreeg ze de schrik van haar leven. Voor de deur stonden twee politieagenten, die .….kwamen om te melden dat er licht naar buiten scheen via een kier in een verduisteringsgordijn. Of we maar wilden zorgen dat dat werd dichtgemaakt. Goedenavond.
In de kamer moeten zuchten van verlichting zijn geslaakt. De radio die gehaast was verstopt werd weer tevoorschijn gehaald en aangezet. De toespraak was nog niet afgelopen en wij moesten weer naar de keuken.
Wat ze met het ontbrekende stuk uitzending hebben gedaan weet ik niet. Maar het Bismutverbruik zal door dit onverwachte bezoek ongetwijfeld zijn toegenomen.
“Politie, goedenavond, er schijnt licht bij u naar buiten door één van de ramen”. Sommige gebeurtenissen staan gebeiteld in m’n geheugen. Dit is er één van.

Vriendjes
In Deventer had ik tijdens ons tweede verblijf vriendschap aangeknoopt met een jongen van m’n leeftijd, die in het huis tegenover ons woonde. Ik ben z’n naam vergeten maar als hij vrij was speelden we op straat, stookten fikkies op een braakliggend landje een paar straten verder en deden al die andere dingen die jongens gewoonlijk doen.
Z’n ouders hadden een echt aquarium in hun huis en omdat ik dat zo mooi vond kreeg ik op een keer een grote glazen pot van hem met waterplanten en een echt visje. Lang heeft het beest in het veel te kleine potje niet geleefd maar mooi vond ik ’t wel.
Ergens waren m’n vader en moeder niet enthousiast over die vriendschappen omdat ze de veiligheid van het gezin in gevaar konden brengen maar ja, een huis in de stad is natuurlijk geen onbewoond eiland. Er kon dus een probleem ontstaan omdat m’n vriendje natuurlijk wel eens vroeg naar welke school ik ging, wat m’n vader deed en waar we vandaan kwamen.
In die tijd kreeg ik dus m’n eerste “lessen” in geheimhouding want zoals al eerder verteld ging ik niet naar school. De instructie was simpel. Als de jongens weer met vragen kwamen moest ik maar zeggen dat ik wel degelijk naar school ging maar dat die aan de andere kant van de stad lag.
Op een gegeven moment werden er zelfs plannen gemaakt waarbij ik ’s ochtends echt het huis moest verlaten om zogenaamd naar school te gaan maar de problemen losten zich vanzelf op omdat Deventer kennelijk een te grote risicofactor werd en we vertrokken naar een nieuw adres.
Vervelend vond ik het allemaal wel. Ik ging vrij intensief met m’n nieuw verworven vriendje om en moest altijd ontwijkende antwoorden geven.
Achteraf kan ik me niet voorstellen dat hij, z’n oudere broer en z’n ouders het allemaal voor zoete koek hebben geslikt. Doordat ze tegenover ons woonden was ons doen en laten zo eenvoudig te controleren dat ze de tegenstrijdigheden in m’n verhalen wel moeten hebben opgemerkt.

Deventer nu.
Met m’n zuster en Lia heb ik in 2002 een bezoek aan Deventer gebracht. We maakten die dag een soort nostalgische tocht langs al die plaatsen van vroeger. Het was even zoeken maar we hebben het huis uiteindelijk toch gevonden. Het aardige was dat het er van buiten nog bijna precies zo uitzag als ik ’t me herinnerde.
Tijdens ons bezoek werd het bewoond door een jong stel waarvan de hij buiten bezig was met een klus aan de voordeur. Uiteraard merkte hij onze nieuwsgierige aandacht voor het huis en we raakten in gesprek. Nadat we de reden van ons bezoek in een paar zinnen hadden uitgelegd riep hij z’n echtgenote erbij en ze nodigden ons uit om binnen te komen. Aardige mensen die graag wilden weten wat zich tijdens ons verblijf in dit huis allemaal had afgespeeld.
Binnen hadden ze natuurlijk het nodige gemoderniseerd maar de indeling was beneden nog helemaal hetzelfde. En aan het schuurtje achter in de tuin was helemaal niets veranderd.
Of ik de zolder niet even wilde zien vroegen ze op een gegeven ogenblik. Ik heb het niet gedaan, zag om de een of andere reden plotseling op tegen de confrontatie met het verleden.
Achteraf heb ik geen spijt het niet gedaan te hebben. Het weerzien van herinneringen leidt vaak tot teleurstellingen.


[begin]